Onze Pieten

De knecht van Sinterklaas

Er bestaat een verhaal waarin bisschop Nicolaas van Myra op de slavenmarkt een Ethiopische slaaf koopt, om hem vervolgens vrij te kunnen laten. Uit dankbaarheid treedt de vrijgekochte slaaf in dienst van Nicolaas. Van een zwarte knecht die de naam Piet draagt is echter nog lang geen sprake.

Tot ver in de 19e eeuw was het Sint Nicolaas zelf die zoete kinderen beloonde en stoute kinderen strafte, maar op veel afbeeldingen zijn rond zijn vriendelijke verschijning wel duistere figuren te zien, die doen denken aan de duivelse Eckehart van de Germanen. Terwijl Wodan met goede gaven strooit, deelt zijn knecht Eckehart waar nodig straffen uit. Duivelse figuren in de Germaanse mythologie hadden gezichten die zwart waren geworden door het pek van de hel.

Lange tijd was de rol van Piet in het Sinterklaasfeest was die van boeman. Hij joeg de kinderen schrik aan en hij deed dat niet alleen in Nederland. In Frankrijk is het Père Fouettard die de stoute kinderen straft, ook in Tsjechië wordt de Sint begeleid door een dergelijke duivelse figuur, en de Oostenrijkse Krampus straft stoute kinderen niet alleen met een roede, maar neemt ze ook in een zak mee naar het bos.

Daar waar de andere landen deze straffende helper nog altijd kennen, is onze Piet allang geen boeman meer. Hij is de vrolijke, vriendelijke helper van een soms wat vergeetachtige Sint, die op zijn leeftijd echt niet meer alles zelf kan.

Zwarte Piet

Zwarte Piet is lang niet zo oud als Sinterklaas. Wij komen hem pas 165 jaar geleden voor het eerst in verhalen en op plaatjes tegen. In 1848 maakte de Amsterdamse schoolmeester Jan Schenkman het eerste Sinterklaasboek voor kinderen: Sint Nikolaas en zijn knecht. In dit boek heeft Sinterklaas een zwarte bediende. Voor Jan Schenkman zijn boek schreef, deed de duivelse begeleider van de Sint wat hij zelf wilde, deze nieuwe figuur was in dienst van Sinterklaas. Zijn verschijning doet denken aan die van een zwarte slaaf, in gewone kleren. De latere knecht van Sint Nicolaas heeft kleren aan die doet denken aan het kostuum dat de 16e eeuw in Spanje werd gedragen door leerling-ridders: een pofbroek van repen stof, lange kousen, een witte kraag en een baret met veer op het hoofd. Het verhaal gaat dat sommige latere edelen hun slaven dit soort kleding lieten dragen. Er zijn schilderijen waarop edellieden met een zwarte slaaf in pagekostuum staan afgebeeld.

Ook de gouden oorringen van de latere Zwarte Piet herinneren aan de slaventijd. Net als bij zeelieden was het een soort begrafenisverzekering: met geld dat de ring opbracht als de slaaf of de zeeman dood was, kon de begrafenis betaald worden.

In Engeland was de slavernij in 1827 afgeschaft. In ons land, waar Suriname en de Nederlandse Antillen bij hoorden, gebeurde dit pas in 1863 en in Spanje, waarmee Nederland veel handel dreef, zelfs pas in 1886. In die tijd kwamen in onze havens veel schepen met handelswaren uit Spanje aan. De schepen waren van rijke Spaanse kooplieden die zwarte slaven hadden. Ook Spaanse Heiligen werden vaak afgebeeld met een Moorse knecht ofwel zwarte slaaf.

In het boek van Jan Schenkman heeft de knecht van Sint Nicolaas geen naam. De naam Pieter wordt enkele jaren later geïntroduceerd door de Amsterdamse schrijver en dichter Alberdingk Thijm, in een boekje dat hij bij wijze van sinterklaascadeautje aan zijn collega Potgieter cadeau deed. Pas aan het einde van de 19e eeuw wordt de knecht van Sint Nicolaas Zwarte Piet genoemd.

Witte en gekleurde pieten

In 1983 begonnen sommige mensen zich af te vragen of het niet eens tijd werd voor een nieuwe Piet. Een Piet die niet uitzag als een zwarte slaaf. De slavernij was afgeschaft en voor zwarte mensen kan het heel pijnlijk zijn om ieder jaar rond 5 december aan die tijd herinnerd te worden. Wie met de slavernij in het achterhoofd naar Sinterklaas en Zwarte Piet kijkt, ziet immers niets meer of minder dan een slaafse, zwarte knecht en een rijke, blanke meester.

Er veranderde toen wel iets, maar nog niet zo veel. Zwarte Piet werd iets bruiner en hij praatte geen krom Nederlands meer. Hij maakte grappen, kreeg eigenwijze ideeën en hield zich niet langer alleen met de stoute kinderen bezig. Hij droeg nog wel dezelfde kleren en had nog steeds grote, gouden ringen in zijn oren.

Een paar jaar geleden begonnen de protesten opnieuw en nu lieten meer mensen van zich horen. Zwarte én witte mensen. Het moest nu echt afgelopen zijn met Zwarte Piet, vonden ze. Piet als helper van Sint mocht best blijven, maar dan niet langer als karikatuur van iemand met een zwarte huidskleur. Andere mensen waren het er niet mee eens. Piet was altijd zwart geweest en dat moest zo blijven. De kinderen zouden er niets van begrijpen als hij opeens een ander kleurtje had of andere kleren droeg.

Maar kinderen begrijpen veel. Meer dan volwassenen vaak denken. Ze zijn er aan gewend dat de wereld om hen heen verandert en ze vinden dat veel minder moeilijk dan de meeste volwassenen. Ze hebben al plaatjes van witte en gekleurde Pieten gezien. Ze lezen erover in boeken als De vrienden van Sinterklaas, van Sjoerd Kuyper en Hoe oud is Sinterklaas? van Bette Westera. En ze komen ze tegen op straat en in het winkelcentrum, ook al vinden niet alle volwassenen dat leuk.

Zwarte Piet gaat veranderen, of we dat nu leuk vinden of niet. Hij is zich in de loop der jaren al anders gaan gedragen en hij gaat er binnenkort ook anders uitzien, net als Sinterklaas er door de eeuwen heen anders is gaan uitzien en andere dingen is gaan doen.

Facebooktwitter